Welke emoties kunnen we dan toe bedelen aan honden? In dit artikel leg ik u alles erover uit.
Welke emoties (h)erkennen we?
Volgens Jaak Panksepp, een neurowetenschapper die zich vooral bezig hield met hersenonderzoek en emoties bij dieren heeft in 2005 een 7-tal emoties erkent bij de hond.
- Seeking; de wil om te onderzoeken, kan ook verlangen genoemd worden.
- Rage; woede, boosheid.
- Fear; angst
- Care; de behoefte voor sociaal contact met soortgenoten of mensen.
- Grieve/Panic; Verdriet, angst voor alleen zijn.
- Play; behoefte voor sociaal spel met de bedoeling sociale vaardigheden te leren.
- Lust; de behoefte om voort te planten.
Maar wat wil het nu zeggen dat honden deze emoties ervaren en wat kunnen we met deze informatie?
Meer uitleg
Om honden beter te kunnen begrijpen is het belangrijk te begrijpen wat deze emoties inhouden. Als we namelijk begrijpen hoe dit precies werkt in de hersenen van honden kunnen we hier ook rekening mee houden in de trainingen of gedragstherapie.
Seeking
Seeking motiveert de hond om in beweging te komen. Zonder de emotie seeking zou uw hond de hele dag in zijn mand liggen en niks ondernemen. Seeking zorgt voor de interesse te willen onderzoeken. Gedragingen die vanuit de emotie seeking komen zijn snuffelen, de omgeving afzoeken, graven en de zoektocht naar voedsel. Zonder deze emotie zou een hond dus ook verhongeren.
Als een hond te weinig gedragingen kan laten zien om het verlangen te bevredigen zal er snel frustratie ontstaan. Bijvoorbeeld een teckel die graag graaft in de tuin maar hiervoor gecorrigeerd wordt zou om kunnen slaan in agressie omdat de frustratie te hoog oploopt omdat hij zijn natuurlijke gedrag niet mag laten zien. En ontspannen snuffelen tijdens de wandeling kunnen we alleen maar toejuigen, des te meer een hond snuffelt, des te meer ontspannen en gelukkiger hij wordt. In een later artikel zal het verschil wel besproken worden tussen ontspannen snuffelen en op zoek zijn naar die ene reu waar jouw hond een hekel aan heeft.
Bij de emotie seeking komt veel dopamine vrij. Dopamine is een hormoon die een geluksgevoel laat ervaren. Dopamine komt bij ons mensen ook vrij als we aan het gokken zijn en winnen. Dopamine is dan ook het verslavende stofje die ervoor zorgt dat je alleen maar meer wilt. Bij honden dus net zo. Honden kunnen verslavend gedrag laten zien zoals staartjagen of aan de poten likken, dit komt omdat er dopamine vrij komt. Dopamine is dus een hormoon die een hond zich goed laat voelen, maar er moet altijd voorzichtig mee omgegaan worden.
Rage wil dus zeggen woede of boosheid. Deze emotie zien we bij een hond die niet voldoende zijn behoefte kan vervullen in één van de andere emotionele systemen. Als voorbeeld dus de teckel die graaft en hierin tegengehouden wordt. Ook is de emotie rage te zien bij een hond die veel fysiek of verbaal gecorrigeerd wordt. Er ontstaat frustratie en vanuit frustratie ontstaat de woede. Bij woede is dus ook agressie te zien in de vorm van uit- of aanvallen.
Fear
Fear wil niks anders zeggen dan angst. Angst is een makkelijker te begrijpen emotie. Iets wat de hond bedreigt zal hem angstig maken en hierop zal gedrag te zien zijn zoals wegkruipen, janken of trillen. Het kan ook zijn dat de hond vanuit de angst naar boosheid gaat en vervolgens van zich af gaat bijten. Ondanks dat angst een makkelijk te begrijpen emotie is, is het wel één van de belangrijke emoties. Het houdt de hond namelijk in leven. Een hond die angstig is voor iets zal niet zo snel datgene opzoeken en er eerder voor vluchten. Er zijn vanuit de primaire hersens drie opties bij angst: vluchten, bevriezen of vechten. Over de reactie wordt niet nagedacht, deze reactie moet snel zijn om te kunnen overleven, vandaar dat deze reactie ook vanuit het primaire hersenstelsel komt.
Care
Bij care moeten we denken aan verzorgingsgedrag. Een moeder die haar pups wast of beschermd en warm houdt. Ook dit is belangrijk gedrag om de diersoort in leven te houden. Zonder moederlijke zorg zouden de pups niet overleven en daarom is dit systeem vaak actiever in een teef dan een reu. In het gezin van de hond zie je dit gedrag door elkaar te wassen of onze handen te likken.
Bij de emotie care komt het hormoon oxytocine vrij, ook wel het knuffelhormoon genoemd. Dit is één van de gelukshormonen die een voldoenend gevoel geeft en ervoor zorgt dat er liefde gevoelt kan worden. Hierdoor kan er dus ook een band ontstaan tussen mens en hond, deze liefde wordt niet alleen door ons gevoelt, maar ook de hond voelt liefde voor jou en het gezin.
Het woord panic moet niet verward worden met het
in paniek zijn. Grieve en panic wil zeggen de angst om verlaten te worden. Deze emotie is vooral actief bij pups. Als de moederhond opstaat en het nest verlaat zullen de pups gaan piepen en huilen. Dit triggert bij de moeder het verlangen om terug te komen. Ook deze emotie zorgt er dus voor dat de diersoort het overleeft. Je zou dus denken dat deze emotie niet meer gevoelt wordt op het moment dat de hond tot volwassenheid groeit, maar dit is niet het geval. Honden die een te sterkte binding met hun eigenaar vormen kunnen verlatingsangst tonen. Verlatingsangst komt vanuit de emotie grieve en panic en zal dus ervaren worden op het moment dat ze alleen zijn. Tegenwoordig noemen we daarom verlatingsangst ook wel verlatingsverdriet, omdat het niet zo zeer met angst te maken heeft, maar met het verdriet die gevoelt wordt op het moment dat een hond alleen is.
in paniek zijn. Grieve en panic wil zeggen de angst om verlaten te worden. Deze emotie is vooral actief bij pups. Als de moederhond opstaat en het nest verlaat zullen de pups gaan piepen en huilen. Dit triggert bij de moeder het verlangen om terug te komen. Ook deze emotie zorgt er dus voor dat de diersoort het overleeft. Je zou dus denken dat deze emotie niet meer gevoelt wordt op het moment dat de hond tot volwassenheid groeit, maar dit is niet het geval. Honden die een te sterkte binding met hun eigenaar vormen kunnen verlatingsangst tonen. Verlatingsangst komt vanuit de emotie grieve en panic en zal dus ervaren worden op het moment dat ze alleen zijn. Tegenwoordig noemen we daarom verlatingsangst ook wel verlatingsverdriet, omdat het niet zo zeer met angst te maken heeft, maar met het verdriet die gevoelt wordt op het moment dat een hond alleen is.
Play
De emotie play zorgt ervoor dat honden sociale vaardigheden ontwikkelen. Deze emotie zorgt voor vrolijkheid en blijheid. Vanuit play zien we dus een hond die fysiek aan het spelen is met soortgenoten, maar ook als een hond een speeltje komt brengen om samen mee te spelen. Honden leren spelen vanuit de puppytijd. In het nest wordt veel tijd besteed aan spel, en hier wordt dan dus ook geleerd waar de grenzen liggen van de andere pups. Zonder spel zou een hond sociaal verstoord gedrag vertonen, bijvoorbeeld te hard bijten tijdens interactie.
Een hond kan zelfs een gevoel voor humor hebben. Zie jij je hond weleens lachen? Natuurlijk niet letterlijk, maar je kan aan de mimiek van je hond zien dat hij het naar zijn zin heeft. Daag je hond eens uit een probeer eens te zien of hij 'lacht'. Samen spelen zorgt voor een sterkere band tussen hond en mens. Door de behoefte te onderdrukken zal er dan ook veel frustratie en teleurstelling ontstaan.
Lust
Bij lust moeten we vooral denken aan de behoefte zich voort te willen planten. Als je hond in de fase van de pubertijd komt zullen hormonen door het lijf gaan gieren. De hormonen testosteron en oestrogeen zorgen ervoor dat de hond deze emoties voelt. De geurenwereld van jouw reu wordt dan ineens een stuk groter en de hond zal meer tijd willen besteden aan het besnuffelen van al die interessante geurtjes.
Veel mensen denken dat rijgedrag ook komt vanuit deze behoefte, en ik ontken niet dat rijgedrag vaker gezien wordt bij honden in de fase van de pubertijd, maar in veel gevallen zien we rijgedrag als een hond de behoefte heeft zich te ontladen na spanning, bijvoorbeeld na spel, een wandeling of een spannende gebeurtenis. Dit gedrag kan vaak ook omgebogen worden door andere manieren aan te bieden voor ontlading, bijvoorbeeld snuffelen of kauwen.
Nu we deze informatie hebben kunnen we hondengedrag nog beter interpreteren. Maar wat kunnen we nu precies met deze informatie?
In de praktijk
Nu we weten dat honden emoties ervaren kunnen we beter rekening houden met de behoeften van de hond. Bij gedragsproblemen worden er vaak allerlei trainingen ingezet om gedrag om te buigen. Zolang er niet eerst gekeken wordt naar de emotie achter het gedrag zullen deze trainingen een kortdurende werking of misschien zelfs helemaal geen werking hebben op het gedrag van jouw hond. Een voorbeeld: een hond met een allergie kan je een jeukremmer geven om de jeuk te verlichten. Maar zolang je niet weet waar de hond allergisch voor is zal de jeuk elke keer weer terug komen. Pas als je uitzoekt waar de hond allergisch voor is, en de hond hier niet meer aan blootstelt zal de allergie wegblijven. Zo dus ook met gedragsproblemen, een hond met verlatingsangst kan je gaan trainen door de tijd van het alleen zijn op te bouwen, maar zolang de hond nog zoveel emotie ervaart aan het feit dat je weg bent zal dit ervoor zorgen dat je niet verder komt in je training.
Nu de wetenschap emotie erkent zorgt dit ook voor meer begrip voor hondengedrag. Vroeger dachten we dat honden veel gedragingen lieten zien uit dominantie. Ik zal in een later artikel meer uitleg geven over dit begrip. Doordat we nu het gedrag kunnen bezien vanuit emotie in plaats van dominantie kunnen we ons beter inleven in onze honden waardoor een positieve vorm van training beter ingezet kan worden en we het leven van onze honden veel makkelijker kunnen maken.
Er is nog steeds veel wat we niet weten over emoties en hoe deze processen in de hersenen precies werken. Bestaat jaloezie bijvoorbeeld onder honden? De wetenschap heeft hier nog geen hard bewijs voor en er zijn veel theoriën over het voelen van jaloezie onder honden. Denk jij dat jouw hond jaloezie vertoont?
Bronnen:
Jaak Panksepp; The basic emotional circuits of mammalian brains: Do animals have affective lives?
Jaak Panksepp; Yoram Yovell – Preclinical Modeling of Primal Emotional Affects 2014
DJ Mellor; Animal emotions, behaviour and the promotion of positive welfare states 2011



